Ontwikkeling en gebruik van het bovenste dantian voor diagnose en behandeling

ONTWIKKELING EN GEBRUIK VAN HET BOVENSTE DANTIAN VOOR DIAGNOSE EN BEHANDELING

Begin jaren negentig vroeg mijn vroegere qigong- en taijileraar Dr. Shen Hongxun mij om voor hem een Buqi opleiding te organiseren; een opleiding die studenten leert patiënten te behandelen met externe qi. Om belangstelling te wekken voor deze opleiding organiseerde ik een informatieavond. Van tevoren vroeg ik hem of hij een demonstratie van een behandeling wilde geven. Daartoe was hij bereid. Op die avond kwamen zo’n veertig belangstellenden in een te kleine zaal. Halverwege de avond vroeg Dr. Shen Hongxun of er iemand in de zaal was die op dat moment een gezondheidsklacht had. Hierop stak een vrouw haar vinger op en zei dat ze hoofdpijn had. Ze werd gevraagd naar voren te komen en onmiddellijk toen ze zat, plaatste Dr. Shen Hongxun zijn duim en wijsvinger in haar nek en liet haar een afwijkende wervelpositie voelen. Hij corrigeerde die en behandelde haar vervolgens met externe qi vanaf enige afstand. Tijdens de korte behandeling, die hooguit vijf minuten duurde, beschreef de vrouw nauwkeurig hoe iets in haar lichaam van haar hoofd naar haar vingers bewoog en de hoofdpijn verdween.
Bij een andere gelegenheid nam ik deel aan een klinische stage. De groep waarvan ik deel uitmaakte, had juist een anamnesegesprek gevoerd toen Dr. Shen Hongxun binnenkwam en de patiënte begon te behandelen voor haar ogen. Hij kende de vrouw niet, had haar nooit eerder gesproken, maar wist feilloos dat zij oogklachten had. Wij hadden dit zojuist van haar gehoord.

De verbluffend nauwkeurige diagnoses van Dr. Shen Hongxun waren mogelijk dankzij zijn sterk ontwikkelde bovenste dantian. Voor de medisch qigong therapeut is dit onontbeerlijk om patiënten goed te kunnen diagnosticeren en te behandelen.  De impact die de overdracht van externe qi heeft op de patiënt wordt door dit dantian continu gevolgd.

HET BOVENSTE DANTIAN; HET ZESDE ZINTUIG

Het bovenste dantian bevindt zich tussen de wenkbrauwen, 4 duimbreedten achter Yintang, in het gebied van het diencephalon (tussenhersenen) en wordt ook wel het ‘derde oog’ genoemd. We doen een beroep op dit dantian wanneer we trachten gebieden waar te nemen waartoe de gewone zintuigen geen toegang hebben. Dit doen we als we bijvoorbeeld de qi in ons lichaam volgen, zoals tijdens het beoefenen van qigong, of ‘kijken’ in het lichaam van een patiënt. Omdat moderne diagnostische instrumenten ons die kunnen laten zien, doen we nauwelijks nog een beroep op ons bovenste dantian.

Als ik een behandeling geef, kijk ik naar de patiënt of enigszins opzij, maar vooral in het lichaam. Ik zie dan het interne milieu voor mijn geestesoog. Zou mijn blik overwegend naar buiten zijn gericht, dan neem ik minder waar via mijn bovenste dantian. De helderheid waarmee ik het interne milieu bij mijn patiënten zie, heeft zich in de loop van de jaren meer en meer ontwikkeld. Zag ik vroeger enigszins vaag het hart, zie ik die nu helder, alsook de kamers en boezems en van de lever nu ook de segmenten.

BALANCEREN VAN ZI EN GUAN

In de qigongbeoefening wordt het bovenste dantian ontwikkeld tot een verfijnd diagnostisch instrument via vooral de beoefening van meditatie. Deze oefeningen zijn erop gericht een stabiele balans tussen zi en guan te bereiken. Zi kan worden begrepen als ‘stoppen met denken’ of ‘het diepgaand ontspannen van de geest’ en guan als ‘kijken’, maar guan kan ook visualiseren betekenen.
Wanneer de denkactiviteit afneemt, neemt de activiteit van de linker- en rechter  hemisfeer af en concentreert zich in de voorste hersenkwab. Het centrum van deze activiteit wordt ‘de kern van de geest’ genoemd. Als de ogen gesloten zijn, kan hier bij diepe mentale ontspanning licht worden waargenomen.

Tijdens de meditatie wellen bij de beginnende beoefenaar talloze gedachten op. In deze fase concentreert de beoefening zich op het volgen van de ademhaling (sui); vooral de uitademing. De ademhaling wordt regelmatiger, de frequentie neemt af en het lichaam wordt van ziekteverwekkende factoren gezuiverd. Uiteindelijk stopt de longademhaling en gaat over in een dantian- of huidademhaling.

In de fase waarin de geest zeer diep ontspannen is, wordt guan geïntroduceerd. Dit kan bijvoorbeeld zijn het kijken in het lichaam. De beoefening is er dan op gericht een stabiele balans te bereiken tussen mentale ontspanning en focus. Overheerst de mentale ontspanning, dan is de waarneming troebel en overheerst de focus, dan is de geest gespannen. Wanneer zi en guan enige tijd stabiel in balans zijn, wordt guan opgegeven. De beoefenaar keert terug naar zi waarna deze guan opnieuw inbrengt. Terugkeren naar zi heet hui. Het herhaaldelijk terugkeren naar zi wordt gedaan om zi en guan op een steeds subtieler niveau te balanceren. Op een uiterst subtiel niveau is de geest leeg, zuiver en kunnen latente functies ontwaken.

LATENTE FUNCTIES

Niet iedereen ontwikkelt dezelfde latente functies. Sommigen ontwikkelen helderziendheid, anderen helderhorendheid, heldervoelendheid of een helder reukvermogen.
Met een ontwikkeld bovenste dantian kan de TCM-therapeut waardevolle aanvullende diagnostische informatie verwerven.

De tekst is een enigszins bewerkte versie van het artikel dat is gepubliceerd in de Huang Ti, een magazine van de Vereniging voor acupunctuur, in de zomereditie van 2019.

Blog



Volg ons


Inschrijven nieuwsbrief