Opname en overdracht van pathogene factoren

Hoe therapeuten zichzelf en hun patiënten kunnen beschermen tegen de opname en overdracht van pathogene factoren.

KENNIS BIJ THERAPEUTEN OVER DE UITWISSELING VAN PATHOGENE FACTOREN TUSSEN THERAPEUT EN PATIENT

Mijn ervaringen met de opname van pathogene factoren zijn exemplarisch voor wat  therapeuten en patiënten zoal tijdens behandelingen kunnen ervaren. Bij veel therapeuten ontbreekt kennis over hoe zij zichzelf kunnen beschermen tegen de opname van pathogene factoren van patiënten en hoe zij kunnen voorkomen dat zij deze van hun lichaam op dat van de patiënt overdragen.
In dit artikel ga ik summier in op hoe de therapeut zichzelf en zijn/haar patiënten kan beschermen tegen de overdracht van pathogene factoren. Ik beperk mij hier tot twee aspecten: het externe qi-veld en pathogene factoren die via de handen vrijkomen.

PERSOONLIJKE ERVARINGEN MET DE OPNAME VAN PATHOGENE FACOREN

Enige jaren had ik een medische qigong behandelpraktijk in een gezondheidscentrum in het centrum van ‘s-Hertogenbosch. Hier behandelde ik M. Tijdens de sessie kwamen bij haar veel emoties vrij. Ik had het vertrouwen de situatie aan te kunnen en gaf M daarom alle ruimte voor de catharsis. Tijdens de emotionele ontlading passeerde heel even de gedachte dat de buren last zouden kunnen hebben van haar geschreeuw. Na de behandeling voelde M zich bevrijd, maar ik daarentegen voelde me ontzettend moe. Ik was zelfs te moe om qigongoefeningen te doen die mijn lichaam hadden kunnen zuiveren van de emotionele informatie die het had opgenomen. De vermoeidheid duurde een aantal dagen.
Later realiseerde ik me dat de gedachte aan geluidsoverlast het externe qi-veld, het vibratieveld rondom mijn lichaam, had verzwakt. Heel even was het doorlaatbaar geworden waardoor emotionele factoren mijn lichaam konden binnendringen.
Bij deze behandeling was de oorzaak voor de opname van pathogene factoren duidelijk. De zeldzame andere keren dat het me overkwam, was dit niet altijd zo helder. Meestal leidde de opname tot vermoeidheid en emoties als irritatie en verdriet.

Tijdens een craniosacraal- en tuina opleiding werd ik verschillende keren behandeld door medestudenten met koude handen. De koude voelde ik dan steeds mijn lichaam binnendringen en naar het centrum van mijn lichaam bewegen.
Ook bij klinische stages van acupuncturisten waaraan ik als oefenpatiënt deelnam, waren er therapeuten die mijn pols voelden met koude handen. Het is annemelijk dat de fysieke reactie van mijn lichaam op hun koude handen de diagnose beïnvloedde.
Na zulke ervaringen deed ik steevast qigongoefeningen om de opgenomen koude uit mijn lichaam te verdrijven.

INTENSIVERING VAN DE INTERNE QI EN VERSTERKING VAN HET EXTERNE QI VELD

In hoofdstuk 18 van de Ling Shu, staat dat de wei qi, de beschermende qi, buiten de kanalen beweegt, de ruimte tussen de huid en de spieren vult. Dat de beschermende qi ook een veld rondom het lichaam vormt, wordt niet genoemd. Het observeren van de uitstraling van de patiënt – wat een aspect is van diagnose – suggereert het bestaan van een dergelijk veld.
De vibraties rondom het lichaam noemen we ‘uitstraling’. Zij vormen een veld – niet hetzelfde als de aura. Dit veld wordt gegenereerd door talloze oscillatoren (trillingsbronnen) in het lichaam. Als wij in goede gezondheid zijn, produceren deze oscillatoren krachtige vibraties die zich verspreiden tot ver voorbij het fysieke lichaam. Rondom ons lichaam vormen de vibraties een veld dat als een ruime pels om ons lichaam ligt. Dit veld is een expressie van de interne qi, nei qi. Het is een buffer dat ons lichaam beschermt tegen pathogene factoren, xie qi.
Als wij vitaal zijn, dan heeft het externe qi-veld een grote omvang, volgt het de contouren van ons lichaam, is het vibratiepatroon coherent en de beweegrichting overheersend naar buiten. Onze eerste indruk van iemands conditie is in belangrijke mate gebaseerd op deze waarneming.

De bekendste oscillatoren in ons lichaam zijn de chakra’s/dantians (elixervelden). Tijdens de beoefening van qigong en het behandelen met externe qi (wai qi), via de hand of naald, nemen de oscillerende krachten van twee oscillatoren aanzienlijk toe en die van de overige sterk af. Het onderste- en bovenste dantian worden dan twee dominante oscillatoren.

Het onderste dantian (in Japans hara) bevindt zich drie à vier cun (duimbreedten) onder de navel en eenzelfde afstand naar binnen. Het bovenste dantian bevindt zich tussen de thalamus en epifyse. De vibraties die deze oscillatoren produceren, vormen een krachtig extern qi-veld.

De oscillerende krachten van het onderste- en bovenste dantian nemen toe als lichaam en geest in een alerte staat zijn. Deze ontstaat als de gewrichtsruimten en tussenwervelruimten zijn vergroot, de spieren ontspannen en de geest ontspannen en helder is. Als dan een therapeutische handeling wordt gedaan, beweegt de qi van Yongquan, onder de voetzolen, naar de benen, het onderste dantian en verder, naar de de handen en dringt het lichaam van de patiënt binnen. Met het uitreiken van de arm voor het zetten van een acupunctuurnaald of met de hand te masseren, breidt het externe qi-veld zich uit naar de patiënt.
In deze staat concentreert de hersenactiviteit zich in de prefrontale cortex en het bovenste dantian. In dit deel van de hersenen bevindt zich dan ook de etherische ziel, de hun. Noodzakelijke kennis welt spontaan op en het bovenste dantian ontvangt aanvullende diagnostische informatie. Het bovenste dantian communiceert met het onderste dantian, mobiliseert de qi van het onderste dantian, monitort de qi-circulatie in het lichaam en verwerkt diagnostische informatie.
De toename van de oscillerende kracht van het onderste dantian gaat vergezeld van de toename van de oscillerende kracht in de nierstreek; de gebieden die worden geassocieerd met de oorsprong van de yuan qi (oorspronkelijke qi). De toegenomen vibratie-activiteit intensiveert de qi-circulatie in het lichaam, maakt het vrij van stagnatie, zuivert het van pathogene factoren en vergroot de dichtheid en omvang van het externe qi-veld.
Tijdens het behandelen ontvangt een actief bovenste dantian via het externe qi-veld diagnostische informatie. Continu krijgt het informatie over de behandeleffecten van de therapeutische handelingen teruggekoppeld. Door steeds nieuwe ‘updates’ kan de therapeut zijn/haar therapeutische handelingen steeds aan passen en maximale behandelresultaten maximaliseren.

AFVOEREN VAN PATHOGENE FACTOREN

De beoefening van qigong zuivert het lichaam van pathogene factoren. Die worden naar de lichaamsuiteinden geleid alwaar een aanzienlijk deel van deze factoren het lichaam rechtstreeks kan verlaten. Door het lichaam op deze wijze regelmatig te zuiveren, wordt voorkomen dat pathogene factoren tijdens het behandelen worden overgedragen op het lichaam van de patiënt.

Het vrijkomen van pathogene factoren is het meest duidelijk te zien en te voelen in de handen. Als dit gebeurt, dan kunnen bijvoorbeeld een of meerdere vingers koud en wit worden (koude), kan een luchtstroompje ontsnappen tussen de vingers (wind), kunnen zich blaasjes met vocht vormen op de vingertoppen (damp), kan een blauwe zweem in de handpalm verschijnen (verdriet), kunnen zich witte vlekjes vormen (woede), rode huidverkleuringen ontstaan of jeuk en speldenprikken (hitte) worden gevoeld, etc. Al deze verschijnselen kunnen ook bij patiënten optreden tijdens behandelingen.

OEFENING DUWEN MET DE HANDEN
  1. Sta met je voeten op schouderbreedte afstand. Strek en ontspan je lichaam.
    Je lichaamsgewicht rust op de voorvoeten, op  Yongquan. Je knieën en ellebogen zijn enigszins gebogen.
  2. Breng je armen omhoog totdat je handen zich op borsthoogte bevinden, in het verlengde van de schouders. De handpalmen wijzen naar voren en de vingertoppen trek je enigszins naar achteren om Laogong in de handpalmen te openen. De vingers maken rupsbewegingen.
  3. Kijk in de richting waarin je duwt en richt je aandacht op een doel ver voor je, ver voorbij de muur van de ruimte waarin je je bevindt!
  4. Leid de qi van je voeten naar je handen en verder, ver voorbij de muur.

De beschreven oefening verruimt de lichaamsstructuur. Qi, en de pathogene factoren die de qi meevoert, wordt gemotiveerd om te bewegen van de voeten naar de handen en verder, tot ver voorbij de handen. Deze interne beweging wordt gewekt door de aandacht te focussen op de muur.

De beoefening van qigong vergroot het lichaamsbewustzijn. Met het steeds verfijnder worden van het lichaamsbewustzijn kunnen we steeds scherpere keuzes maken voor wat betreft leefwijze, voedselkeuzen en bereidingswijzen. Dit vermindert de vorming van pathogene factoren in ons lichaam.  

© Ruud Raaijmakers, april 2022  

Blog



Volg ons